Rapportage 'Makerplaatsen in openbare bibliotheken' beschikbaar

Gepubliceerd op: 28 augustus 2018 13:00

Steeds meer bibliotheken bieden zogeheten makerplaatsen aan. Hier leren bezoekers spelenderwijs omgaan met nieuwe apparatuur en doen ze belangrijke 21ste-eeuwse vaardigheden op zoals mediageletterdheid, kritisch denken, communicatie, samenwerking en creativiteit.

Deze nieuwe invulling van de rol van de bibliotheek vraagt om een andere manier van werken, zowel ruimtelijk als programmatisch. Het onderzoeksrapport 'Makerplaatsen in openbare bibliotheken' (pdf) biedt een eerste overzicht van de wijze waarop bibliotheken met dit vraagstuk omgaan.

Inrichting van een makerplaats
Van de 102 bibliotheken die deelnamen aan een online enquête, gaven 42 bibliotheken aan een volwaardige makerplaats te hebben.Het merendeel van de makerplaatsen is in 2016 en 2017 geopend. De makerplaats is gemiddeld 30 m2 groot en bevindt zich meestal in de open ruimte van de bibliotheek. Het aantal verbouwingen dat heeft plaatsgevonden om de makerplaatsen te creëren is beperkt gebleven. Veelal gaat het om extra opbergruimte of een verbetering van het zicht naar buiten of naar het interieur van de bibliotheek.

De meeste makerplaatsen focussen met activiteiten en apparatuur op digitale technieken zoals coderen, robotica en 3D-printen. Ze beschikken over computers, mobiele apparaten, circuits, codeersoftware, robots, VR-brillen en 3D-printers.

Jeugd als doelgroep
De bibliotheken houden niet exact bij welke doelgroepen de makerplaats bezoeken. Wel weten ze goed welke groepen ze willen bereiken: jeugd en het onderwijs, zowel basis als voortgezet onderwijs. Dat blijkt niet altijd te lukken: de jeugd weet de makerplaats goed te vinden, maar het onderwijs bereiken de bibliotheken naar hun zin onvoldoende.

Invulling en expertise
Voor de invulling en opzet kijken bibliotheken naar voorbeelden van andere makerplaatsen of vragen ze partners en onderwijs om input. Voor de begeleiding van activiteiten laten ze eigen personeel kennis verwerven of zoeken ze (betaalde) expertise bij partners, zoals de lokale makerplaats. Die stellen vaak ook faciliteiten beschikbaar, zoals apparatuur of software.

Uitdagingen en ambities
Knelpunten zijn het vinden van personeel en expertise, en financiering van de makerplaats. De bibliotheek financiert de makerplaats vaak zelf. Bij het merendeel van de bibliotheken gaat het om structurele financiering. Daarnaast vragen zes op de tien bibliotheken een eigen bijdrage aan de deelnemers voor deelname aan een cursus of workshop. De ambitie om het onderwijs beter te bereiken wordt beduidend minder vaak als knelpunt genoemd, mogelijk hebben bibliotheken al concrete plannen voor verbetering hierin.

Achtergrond
Samen met de TU Delft en de Hogeschool Rotterdam onderzocht de Koninklijke Bibliotheek de wijze waarop Nederlandse bibliotheken invulling geven aan hun makerplaatsen en welke ruimtelijke en programmatische consequenties dit heeft. Door middel van een enquête via het Bibliotheekonderzoeksplatform (BOP) werd bibliotheken gevraagd naar de invulling en inrichting van hun makerplaats. In totaal hebben 102 basisbibliotheken deelgenomen aan het onderzoek.

Meer informatie
Met inhoudelijke vragen over het onderzoek kunt u zich wenden tot Marianne Hermans, adviseur onderzoek en kennisdeling (KB).